Mijn ouderlijk huis staat één straat achter mijn basisschool. Toen ik in groep vier zat en ik ziek thuis was, kon ik zelfs vanuit mijn kamer mijn klas zien. Ik herinner mij nog heel goed dat ik met mijn zieke koppie uit het raam was aan’t kijken. Een klasgenootje zag mij en zwaaide terug. Niet veel later was de hele klas aan’t zwaaien. En ja, ook de juffrouw. Ook ligt er op de hoek een pleintje. Of nou ja, zo noemden wij het. Het is een groot grasveld met een grote boom in het midden. En wat heb ik daar mooie tijden beleefd.

Op dat pleintje heb ik samen met vriendin M. zonder zijwieltjes leren fietsen. Toen ik een keer tijdens onze fietssessie een plaspauze moest inlassen, stapte zij op mijn fiets. Toen ik terugkwam, was de fiets weg. En M. ook. Ik keek verbaasd om mij heen en opeens zag ik M. komen aanfietsen op mijn fiets. Zonder zijwieltjes. Ik was verbaasd en jaloers tegelijk. Waarom kon zij eerder fietsen dan ik? En waarom ook nog eens op mijn fiets? Gelukkig duurde het niet lang voordat ik ook eindelijk zonder zijwieltjes kon fietsen.

Hoewel mijn fiets groen was (met natuurlijk een oranje vlag en kraaltjes in de spaken), was mijn skippybal roze. Ging ik het pleintje niet rond op mijn fiets, dan was het wel stuiterend op mijn skippybal. En ik zou Niki niet zijn als ik natuurlijk weer eens moest plassen. Ik liet mijn skippybal achter en net als toen met de fiets, was mijn skippybal ook weg toen ik terugkwam. Helaas was het dit keer niet vriendin M. die ermee vandoor was gegaan. De Grote Jongens hadden hem namelijk gewoon lek gestoken. Ik zin tot op de dag van vandaag nog steeds op wraak. Stomme, stomme Grote Jongens.

Maar gelukkig waren de Grote Stomme Jongens er niet vaak. Het was natuurlijk “niet cool genoeg” om als zestienjarige op Het Pleintje te hangen met kinderen half hun leeftijd. Er waren ook mooie lentedagen waarop ik met mijn Baby Born speelde. Mijn denkbeeldige man heette altijd James (ja echt, dit is geen grapje ook al lijkt het wel zo) en ik was natuurlijk de leukste mama en de liefste echtgenoot van de hele wereld. Dat ik na tien minuten mijn baby en denkbeeldige man inruilde voor de speelgoed dino’s van mijn buurjongen, zullen we maar even vergeten.

Nu ik weer even terug ben in Nederland en weer langs het Pleintje liep, besefte ik nogmaals hoe mooi en zorgeloos het leven toen was. Ook al ben ik niet zo’n fan van kinderen ik benijd ze wel. Puur omdat voor hun alles nog leuk is. Dat ze in een fantasiewereld leven en dat dat gewoon nog kan. Dat ze in een eigen taaltje spreken en elkaar toch kunnen begrijpen. Dat ze gewoon in de zomer op het Pleintje spelen en dat elke dag nog leuker dan de vorige dag is.

6 reacties op “Het Pleintje

  1. Leuk dat je zo veel herinneringen hebt aan een plek die je nog steeds vaak kunt zien! Soms denk ik inderdaad ook: was ik ook nog maar zo jong, dan wist ik nog niet hoe vervelend het leven kan zijn :P

  2. Ahhh, was ik nog maar even 6 ofzo! Heerlijk! Niets moest toen en alles mocht, hele dagen buiten spelen en lekker in je eigen wereldje leven!

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *